Meer informatie over uw beleggingsverzekering

Op deze pagina vindt u meer informatie over onze beleggingsverzekeringen. Wij hechten er veel waarde aan dat u goed bent geïnformeerd, bijvoorbeeld over de risico’s en kosten.

Beleggingsverzekering

Wat is een beleggingsverzekering?
Een beleggingsverzekering is een levensverzekering gericht op het opbouwen van vermogen over een afgesproken periode. Daarnaast kan een beleggingsverzekering financiële bescherming bij overlijden bieden (overlijdensrisicoverzekering) en/of bij arbeidsongeschiktheid.
Het bedrag dat de polishouder maandelijks inlegt, belegt de verzekeraar in effecten (beleggingsfondsen). Kosten en premies die bedoeld zijn om risico's af te dekken worden aan de inleg of aan de opgebouwde waarde onttrokken. De hoogte van het eindbedrag dat de verzekeraar uiteindelijk uitkeert ligt niet vast, maar is in belangrijke mate afhankelijk van de prestatie van de gekozen beleggingsfondsen.
Overlijdensrisicodekking
Aan de vermogensopbouw is vrijwel altijd een overlijdensrisicodekking gekoppeld. Deze verzekering wordt of als aparte verzekering meegesloten waarbij de premie vermeld is op de polis of is geïntegreerd in de beleggingsverzekering. Bij overlijden voor einde van de looptijd, keert de verzekering een afgesproken bedrag uit. Als de vermogensopbouw gericht is op aflossing van een hypotheeklening kan een overlijdensrisicodekking ook een voorwaarde zijn van de geldverstrekker (de bank). Voor beleggingsverzekeringen met een overlijdensrisicodekking gold in het verleden een ruimer fiscaal voordeel dan nu. Dat verklaart ook de toenmalige populariteit.
Soorten en maten
Beleggingsverzekeringen zijn er in vele soorten en maten. De looptijd kan variëren van 5 tot 40 jaar, en de inleg kan variëren van enkele tientjes tot honderden euro's per maand. Premies en (advies)kosten worden soms vooraf, soms achteraf berekend, en vaker nog in een combinatie van die twee. In plaats van de gebruikelijke maandbetaling kan de premie ook per kwartaal, jaarlijks of in één keer vooraf als koopsom worden betaald. De hoogte van de premie voor de overlijdensrisicodekking is vooraf bepaald (bij een aparte verzekering) of afhankelijk van de opgebouwde waarde. Bij overlijden vult de verzekeraar de opgebouwde waarde aan tot het afgesproken bedrag.
Wat is het rapport Commissie De Ruiter?

Het Verbond van Verzekeraars heeft in mei 2006 de ‘Commissie transparantie beleggingsverzekeringen’ (ook wel commissie De Ruiter genoemd) ingesteld. De commissie stond onder leiding van oud-minister en voormalig ombudsman Job de Ruiter en heeft onderzocht hoe verzekeraars betere informatie kunnen geven over beleggingsverzekeringen. In december 2006 is er een "Eindrapprt De Ruiter" opgeleverd. Hierin staan de informatiemodellen (zie hieronder) die verzekeraars gaan gebruiken bij het geven van informatie.

Modellen Commissie De Ruiter

  • Model 1: "Productwijzer Beleggingsverzekeringen" geeft algemene informatie aan consumenten die interesse hebben in het sluiten van een beleggingsverzekering. Hierbij wordt verwezen naar specifieke productinformatie en de Financiële Bijsluiter.
  • Model 2: biedt informatie over een specifieke beleggingsverzekering en wordt verstrekt bij een (wijzigings)offerte.
  • Model 3: geeft consumenten minstens één keer per jaar informatie over de ontwikkelingen van hun beleggingsverzekering.
  • Model 4: is een wijzigingsoverzicht en toont consumenten hoeveel zij ontvangen als zij hun beleggingsverzekering voortijdig beëindigen.
  • Model 5: biedt consumenten informatie over een spaarkasovereenkomst die zij hebben gesloten.

De Goudse heeft de aanbevelingen van de Commissie De Ruiter overgenomen en gebruikt de informatiemodellen om u te informeren.
Op meerovercompensatieregelingen.nl vindt u meer informatie over beleggingsverzekeringen en het standpunt van het Verbond van Verzekeraars over het rapport van de Commissie De Ruiter.

Hoe zijn de regelingen om kosten te beperken tot stand gekomen?

Omdat er in de jaren negentig sprake was van een zeer gunstig beursklimaat en de overheid aantrekkelijke fiscale mogelijkheden bood, waren beleggingsverzekeringen aanvankelijk erg populair. Steeds meer mensen gingen, vaak op advies van een verzekeringsadviseur, maandelijks geld opzij zetten om zo te profiteren van de beursontwikkelingen. Het doel was een mooi eindkapitaal, gecombineerd met de zekerheid van een overlijdensrisicoverzekering. Toen in 2000 de beursrendementen begonnen te dalen, verloor de beleggingsverzekering echter zijn glans. Hierdoor kwam er in de jaren die volgden meer en meer aandacht voor de kosten die door de verzekeringsmaatschappijen in rekening werden gebracht.

Steeds meer partijen uitten kritiek op het gebrek aan transparantie, de hoogte van de kosten van beleggingsverzekeringen en op de beperkte voorlichting daarover aan de consument. Het consumenten tv-programma Radar lanceerde de term 'woekerpolissen'. Een begrip dat inmiddels algemeen bekend is. De Ombudsman Financiële Dienstverlening boog zich in 2008 over de kosten van beleggingsverzekeringen. Hij vergeleek deze met de kosten van andere producten voor vermogensopbouw, zoals beleggen via de bank. Hij vond dat de verzekeringmaatschappijen met terugwerkende kracht eigenlijk een kostenmaximum van jaarlijks 2,5% over de opgebouwde waarde van de polis moesten hanteren, gemeten als gemiddelde over de gehele looptijd. Tevens gaf hij aan een kostenniveau van jaarlijks meer dan 3,5% als te hoog te beschouwen. 

Schikkingen met verzekeraars
De maatschappijen lieten het niet op een lange juridische strijd aankomen. In 2008 en 2009 werden schikkingen getroffen tussen een aantal grote verzekeraars met de stichting Woekerpolis claim en de stichting Verliespolis. Andere verzekeraars, zoals De Goudse, troffen eigen regelingen die door de Ombudsman Financiële Dienstverlening als ten minste gelijkwaardig zijn vastgesteld. Essentie van de regelingen is dat bij alle vóór 1 januari 2008 afgesloten beleggingsverzekeringen, achteraf een maximum jaarlijks kostenpercentage wordt gehanteerd voor advies, administratie en beheer van de beleggingsportefeuille. Als een verzekeraar over de hele looptijd meer aan kosten heeft ingehouden, wordt het verschil aan de klant geretourneerd.

Uitgangspunten van de regelingen

  • Dat de kosten zouden worden uitgedrukt in een percentage van de opgebouwde waarde.
  • Dat de kosten met terugwerkende kracht de vergelijking met alternatieve manieren van vermogensopbouw, bijvoorbeeld bij een bank, zou kunnen doorstaan.
  • Dat de kosten gemiddeld genomen in een redelijke verhouding staan tot het werk dat ervoor wordt geleverd door adviseur, verzekeraar en beleggingsinstelling. En dat tegen een in die betreffende periode gangbaar tariefniveau.

De klant die meer kosten heeft betaald dan het maximum over de hele looptijd, ontvangt een tegemoetkoming. De hoogte van dat bedrag wordt dus ook bepaald aan het einde van de looptijd. Het terug te betalen bedrag wordt toegevoegd aan het opgebouwde vermogen dat wordt uitgekeerd.

De afspraken hebben uiteraard alleen consequenties voor verzekeringen waarbij op de einddatum blijkt dat in totaal meer kosten zijn berekend dan volgens het maximum was toegestaan. Als de berekende kosten lager blijken te zijn, dan zal er geen terugbetaling plaatsvinden. Dat is, blijkens een feitenonderzoek van de Autoriteit Financiële Markten (AFM), bij ongeveer tweederde van de polissen het geval.

In de regelingen is ook afgesproken dat de verzekeraars nog een extra tegemoetkoming betalen in uitzonderlijke gevallen waarbij de verzekerde door omstandigheden met zijn beleggingsverzekering in de problemen is gekomen. De hoogte van de premie voor overlijdensrisicodekking is bij verzekeringen met een geïntegreerde risicoverzekering afhankelijk van de opgebouwde waarde. Bij overlijden vult de verzekeraar de opgebouwde waarde aan tot het afgesproken bedrag. Bij een waardestijging in de gekozen beleggingsfondsen is er daarom vaak minder risicopremie nodig voor het instandhouden van een afgesproken vast verzekerd bedrag. Bij een meerjarige waardedaling daarentegen, zal de opgebouwde waarde dalen. De premie voor de overlijdensrisicodekking blijft gelijk, of neemt zelfs toe tot een hoger bedrag dan de inleg. De waarde van de verzekering kan dan verminderen.

De Regeling geldt voor beleggingsverzekeringen die vóór 1 januari 2008 zijn afgesloten. Bij alle polissen die sindsdien zijn verkocht, heeft
De Goudse nieuwe transparantie-richtlijnen (modellen De Ruiter) gevolgd. Daarbij krijgt de consument vóór het sluiten van de polis en tijdens de looptijd altijd een helder overzicht van de waardeopbouw van zijn verzekering en van alle kosten en premies die aan de beleggingsverzekering worden onttrokken.

Wilt u meer weten?
In Model 1 van het rapport van Commissie De Ruiter vindt u meer informatie over beleggingsverzekeringen. Dit model is bedoeld voor consumenten die zich oriënteren op het gebied van beleggingsproducten. Hierbij wordt verwezen naar specifieke productinformatie en de Financiële Bijsluiter.

Hoe zit het met de overlijdensrisicoverzekering bij uw beleggingspolis?
U heeft bij uw beleggingspolis een overlijdensrisicoverzekering afgesloten. Daarmee zorgt u ervoor dat bij vroegtijdig overlijden uw nabestaanden een uitkering krijgen. Afhankelijk van de soort beleggingspolis bestaan er verschillen tussen de overlijdensrisicoverzekeringen.

Als in de naam van uw product de term Aktief Sparen, Aktief Beleggen, Verzekerd Sparen of Verzekerd Beleggen wel voorkomt, dan heeft u een spaarkaspolis. Hierbij vormt u met de overige polishouders een 'beleggingsclub' en wordt de waarde van de belegging op de einddatum uitgekeerd. Als u overlijdt voor de einddatum, wordt de waarde van uw verzekering verdeeld over de overige deelnemers, de waarde wordt niet aan uw nabestaanden uitgekeerd. Maar als u vroegtijdig zou komen te overlijden, is het voor uw nabestaanden natuurlijk wel van belang dat zij een uitkering krijgen. Daarom heeft u bij deze polissen naast de beleggingsverzekering een aparte overlijdensrisicoverzekering afgesloten.

Het is voor u niet mogelijk een van de beide dekkingen afzonderlijk te beëindigen. U kunt in bepaalde gevallen wel de overlijdensrisicodekking verlagen. De premie wordt dan opnieuw verdeeld tussen het beleggingsdeel en het risicodeel waardoor u meer vermogen kunt opbouwen. Uw verzekeringsadviseur kan u precies informeren over de mogelijkheden. Als u uw polis al eerder premievrij heeft gemaakt (de polis loopt dan wel door, maar u betaalt geen premie meer) kunt u de overlijdensrisicodekking niet meer verlagen.

Als in de naam van uw verzekering de term Aktief Sparen, Aktief Beleggen, Verzekerd Sparen of Verzekerd Beleggen niet voorkomt, dan is het volgende van toepassing. De overlijdensrisicoverzekering die u bij uw beleggingspolis heeft meegesloten, is bedoeld om te garanderen dat uw nabestaanden een afgesproken bedrag ontvangen bij overlijden voor de einddatum. Zo heeft u de zekerheid dat er op dat moment een uitkering beschikbaar komt, bijvoorbeeld om de hypotheek af te lossen, ook als u dit bedrag met de stortingen in het beleggingsfonds nog niet heeft opgebouwd.

U kunt de hoogte van de overlijdensrisicoverzekering altijd aanpassen aan uw omstandigheden. Stel dat u op een andere manier voldoende zekerheid voor uw nabestaanden heeft geregeld. Dan kunt u overwegen de overlijdensrisicodekking binnen deze verzekering te verlagen of de overlijdensuitkering terug te brengen naar € 0,-. U betaalt dan minder of u ontvangt zelfs premie retour, er wordt een groter deel van uw totale inleg gebruikt voor de vermogensopbouw. Uw verzekeringsadviseur kan u informeren over de mogelijkheden om de polis aan te passen.
Wat is het verschil tussen een garantieverzekering en een beleggingsverzekering?
Het grote verschil is dat bij beleggingsverzekeringen de uitkering niet gegarandeerd is, deze is afhankelijk van de ontwikkelingen op de beurs. Bij garantieverzekeringen is dit wel zo. Op einddatum van een garantieverzekering ontvangt u een gegarandeerd eindkapitaal, met wellicht nog wat extra door de winstdeling.
Welke kosten worden er in rekening gebracht?
Als u een beleggingsverzekering bij ons heeft, betaalt u kosten voor de diensten die daar bij horen. De kosten worden voor een deel bepaald door de (totale) premie en voor een deel jaarlijks vastgesteld aan de hand van de opgebouwde waarde van de polis. De kosten bewegen zo mee met het beleggingsresultaat. Naast kosten betaalt u een premie voor de overlijdensrisicoverzekering die deel uitmaakt van de polis.
Kosten inzichtelijk op uw waardeoverzicht
U ontvangt jaarlijks van ons een waardeoverzicht waarop de kosten staan gespecificeerd.
  • Eerste kosten
    Dit zijn de kosten van het advies en de kosten die De Goudse heeft gemaakt om de beleggingsverzekering te administreren en de polis af te geven. Ook de kosten die gemaakt zijn bij het maken van het product zijn eerste kosten. Het gaat hierbij o.a. om automatiseringskosten, kosten voor het opstellen van contracten met de fondsbeheerders en kosten voor de juridische toetsing.
    Vanaf 1 april 2014 berekenen wij bij het verhogen van de premie of het doen van een extra storting geen eerste kosten meer.
  • Doorlopende kosten
    Dit zijn de kosten die jaarlijks in rekening worden gebracht voor het bijhouden van administratie, het innen van de premie en het beschikbaar stellen van informatie over uw polis.
  • Kosten fondsbeheer
    Dit zijn de kosten die de fondsbeheerder in rekening brengt voor het beheer van het fondsvermogen. Deze kosten bestaan uit een vergoeding voor het beheer en de belegging van het fondsvermogen, en overige beheerkosten, bijvoorbeeld voor het maken van jaarverslagen en accountantscontroles.
  • Kosten bemiddelaar of verzekeringsadviseur
    Dit betreft de vergoeding voor uw verzekeringsadviseur. Deze vergoeding werd al direct bij het ingaan van de verzekering uitgekeerd. De kosten worden echter niet in één keer aan u doorberekend maar in termijnen. Dit gebeurt gedurende de eerste jaren. Zo is er al direct geld beschikbaar om een kapitaal op te bouwen. Omdat uw adviseur gedurende de looptijd ook beschikbaar is voor ondersteuning en advies, wordt ook jaarlijks een bedrag verrekend. Bij een verhoging of aanvullende storting op de bestaande polis wordt er door De Goudse geen provisie toegekend. Het is daarom belangrijk dat u met uw adviseur afspreekt hoe de verleende provisie wordt verrekend.
  • Mutatie- en switchkosten
    Dit zijn de kosten voor een wijziging of een verandering van beleggingsfonds (switch) en het verstrekken van een nieuw polisblad.
    Een keer per jaar kan er volledig gratis geswitcht worden, bij iedere volgende keer worden mutatie- en aankoopkosten berekend (niet bij Aktief Sparen).
  • Aan- en verkoopkosten
    Dit zijn kosten om beleggingen te kopen en te verkopen.
Wat is het rendement?

De polishouder maakt een positief rendement op het vermogen dat hij opbouwt als de beleggingen meer in waarde groeien dan hij aan kosten en premie voor de overlijdensrisicoverzekering kwijt is. Tot 2000 was dat bijna vanzelfsprekend. Als de koersen echter niet in voldoende mate stijgen en kosten en premies hoger zijn dan de inleg, dan ziet u in het jaarlijkse overzicht van de vermogensopbouw een daling van de waarde van de beleggingsverzekering. Gedurende de looptijd kunnen plussen en minnen in het opgebouwde bedrag elkaar afwisselen. Dat zijn papieren winsten en papieren verliezen. Pas aan het einde van de looptijd, of als de opbrengst eerder wordt verzilverd, is te zien wat de aaneenschakeling van goede en zwakkere beursjaren per saldo heeft opgebracht.

Rendement versterkt zichzelf in een opgaande markt: er wordt rendement gemaakt op de inleg én op het rendement uit voorgaande periode. Omgekeerd gebeurt er iets vergelijkbaars: de basis waarop rendement wordt behaald wordt door koersverlies kleiner en het wordt vervolgens moeilijker om verliezen goed te maken.

Rekenvoorbeeld
In een rekenvoorbeeld maken we duidelijk wat het effect is van het beursklimaat en de kosten op de vermogensopbouw.

Inzage in uw rendement
De Autoriteit Financiële Markten (AFM) vindt het belangrijk dat u weet welke rendementen u kunt behalen met een beleggingsverzekering voordat u deze sluit. Daarom heeft de AFM bepaald welke drie soorten voorbeeldkapitaal verzekeraars moeten vermelden in hun offertes. Ook De Goudse gebruikt deze voorbeeldkapitalen. Niet alleen in offertes maar ook in het waardeoverzicht dat u jaarlijks ontvangt.
De verplicht weer te geven scenario's zijn de opbrengsten bij een:

  • Voorspelling op basis van rendementen uit het verleden (historisch rendement).
  • Pessimistische voorspelling.
  • Voorspelling op basis van een rendement van 4% (vergelijkingsrendement).

Historisch rendement
Dit rendement is het gemiddelde bruto fondsrendement* over de afgelopen 20 jaar van het fonds waarin u belegt. Ieder jaar valt het oudste rendement van de reeks af en wordt het laatst bekende jaarrendement toegevoegd waarna het gemiddelde rendement opnieuw wordt vastgesteld. Let op! De berekening van het eindkapitaal kan ieder jaar sterk in hoogte verschillen. Dit komt omdat de hoogte van dit kapitaal berekend wordt over de gemiddelde rendementen van de afgelopen jaren die ieder jaar opnieuw berekend worden.
* bruto fondsrendement: het rendement op de belegging van uw inleg in het betreffende fonds voordat de kosten van de fondsbeheerder ervan zijn afgetrokken.

Pessimistisch rendement
Dit rendement is gebaseerd op sombere verwachtingen. Er is bij de berekening gekeken naar het meest negatieve scenario en de tijd die nog rest om te kunnen herstellen van deze negatieve ontwikkelingen.

Vergelijkingsrendement
Dit rendement is een bruto rendement van 4%. Dit rendement wordt op langere termijn als norm beschouwd als het gaat om vermogensopbouw in z’n algemeenheid. Het wordt ook gebruikt om het resultaat van beleggingsverzekeringen te vergelijken.

Rendementen van de fondsen van De Goudse
U leest op de pagina over onze beleggingsfondsen meer over de ontwikkeling van het rendement.

Welke risico’s loopt u?
U neemt altijd een risico als u geld belegt. U weet vooraf nooit zeker hoeveel uw beleggingen waard zijn aan het einde van de looptijd.
Een beleggingsverzekering wordt vaak gesloten met een looptijd van twintig tot dertig jaar. De waardeontwikkeling en de kosten worden berekend over de hele looptijd van de verzekering. Zoals eerder omschreven, kan de opbrengst tijdens de looptijd tegenvallen en daardoor kunnen de kosten, als percentage van de opbrengst, juist hoger worden. U kunt de waardeontwikkeling van de verzekering tijdens de looptijd volgen met het waardeoverzicht dat u ieder jaar ontvangt.
Wat betekent dit voor de eindopbrengst?
De laatste jaren hebben de resultaten van beleggingen onder druk gestaan. Dit kan ertoe leiden dat:
  • de opbrengst van uw verzekering kan tegenvallen. De vorming van de waarde is immers afhankelijk van de ontwikkelingen op de beurs;
  • de opbrengst aan het einde van de looptijd onvoldoende is voor het realiseren van uw doel, zoals het aflossen van uw hypotheek of het opbouwen van een aanvulling op uw pensioen;
  • de waarde van uw verzekering in bepaalde situaties steeds verder afneemt en uiteindelijk zelfs op nul kan uitkomen. Dit ‘leeglopen’ ontstaat als er een verhoudingsgewijs steeds groter deel van de waarde nodig is voor de overlijdensrisicoverzekering. Dalende koersen spelen hierbij een grote rol. 
U heeft uw verzekering waarschijnlijk afgesloten met een bepaald doel, zoals de aflossing van uw hypotheek of uw oudedagvoorziening. Vergelijk daarom uw doelkapitaal met de verwachte waarde die op de waardeopgave staat. Zo ziet u snel hoe u ervoor staat.

Vraag uw adviseur om advies
Er zijn verschillende verbetermogelijkheden die u kunnen helpen om dichter bij uw doelkapitaal te komen. Uw adviseur kan u vertellen welke mogelijkheden voor u het meest passend zijn.

Tegemoetkomingsregeling

Wat houdt de tegemoetkomingsregeling van De Goudse in?

Op 4 maart 2008 heeft de Ombudsman Financiële Dienstverlening aanbevelingen gedaan om te komen tot een regeling voor eventuele compensatie van klanten met een particuliere beleggingsverzekering. De Goudse heeft daarna een Regeling particuliere beleggingsverzekeringen opgesteld voor haar klanten met een particuliere beleggingsverzekering. De Ombudsman heeft hiermee ingestemd.

Wat houdt de Regeling in?
De Regeling houdt in dat er nooit meer dan een bepaald maximum aan kosten wordt berekend. Daarnaast wordt een bedrag gereserveerd voor zogeheten individuele schrijnende gevallen.

Ook voor u?

Wilt u weten of u voor de regeling in aanmerking komt?
Kijk dan eerst in het overzicht beleggingsverzekeringen van De Goudse of u een verzekering heeft die onder de regeling valt.

Overzicht beleggingsverzekeringen van De Goudse

Als u wilt weten of uw verzekering binnen de groep beleggingsverzekeringen van De Goudse valt, kunt u dat zien in het overzicht beleggingsverzekeringen.

Overzicht van beleggingsverzekeringen van De Goudse Overzicht van beleggingsverzekeringen van De Goudse

Productnamen
Binnen deze verzekeringen kunnen afwijkende productnamen voorkomen. In onderstaand overzicht kunt u zien in welke productgroep uw polis valt.

In de naam van uw product komt de term Aktief Sparen, Aktief Beleggen, Verzekerd Sparen of Verzekerd Beleggen voor, dat geldt ook voor de volgende productnamen:

Aktief Beleggingsplan Aktief Spaarplan Beurskoopsom
Eigen Huis Spaarplan Multi Lijfrenteplan Multi Spaarplan
Postbank Blue Life Plan Spaar-Aktie Plan Spaar-Aktief Beleggingsplan
Spaar-Aktief Hypotheek Spaar-Aktief Lijfrenteplan Spaar-aktief pensioenplan
Spaar-Aktief Plan Spaar-Aktief Studieplan Verzekerd Beleggingsplan
Verzekerd Lijfrenteplan Verzekerd Lijfrenteplan Verzekerd Spaarplan

In de naam van uw product komt de term FlexxVermogensplan voor, dat geldt ook voor de volgende productnamen:

Flexxvermogens Plan FlexxKoopsom Flexx Eigen Huis Spaarplan
Beter Leven Plan FlexxVermogensplan 2005 62-63-64-65 plus PLAN
Personal Life Plan

In de naam van uw product komt de term Eigen Effect Plan voor, dat geldt ook voor de volgende productnamen:

Eubos beleggingsverzekering Vermogensoptie Prive-pensioenoptieIZP
Flexikoers Plus–spaar Flexikoers Plus–lijfrente Spaaroptie Wolf
Prive-pensioenoptie Wolf Spaaroptie NOV Prive-pensioenoptie NOV
Effect Spaarplan Flexikoers Spaar Koopsomoptie
Advocaten Effect Plan
Flankerend Beleid beleggingsverzekeringen De Goudse

De minister van Financiën heeft op 24 november 2011 een brief gestuurd naar de Tweede Kamer over beleggingsverzekeringen. Daarin roept hij verzekeraars op om zich te houden aan een aantal uitgangspunten bij het flankerend beleid beleggingsverzekeringen. Hij noemt drie punten die voor u tot duidelijkheid leiden.

1. U weet wat u heeft
Door begrijpelijke informatie, toegankelijke informatie en adviesmogelijkheden.
2. U weet wat u krijgt
Door directe storting van de tegemoetkoming en doordat u dan geen afstand hoeft te doen van uw rechten.
3. U bent in de toekomst beter af
Doordat u uw beleggingsverzekering eventueel kunt wijzigen of doordat de verzekeraar u de mogelijkheid biedt om over te stappen op een ander product, met lagere kosten.

Wat betekent dit voor u?
De Goudse is het eens met deze uitgangspunten. Daarom hebben wij onze Regeling aangepast. Hieronder leest u wat dit voor u betekent.

1. U weet wat u heeft

  • De Goudse heeft in januari 2009 de ‘ Regeling particuliere beleggingsverzekeringen’ opgesteld en die op internet gepubliceerd.
    Daar vindt u ook verdere informatie over de Regeling
  • Als u voor de Regeling in aanmerking komt, heeft u tussen juli 2011 en juni 2012 een brief gehad van ons. Daarin leggen wij uit wat de Regeling voor u betekent
  • Vanaf september 2012 krijgt iedereen die mogelijk voor een tegemoetkoming in aanmerking komt opnieuw een brief. Daarin leggen wij uit hoe wij de Regeling hebben aangepast op basis van de uitgangspunten van de minister
  • In onze communicatie over de Regeling roepen wij onze klanten op om samen met hun adviseur te bekijken of de verzekering nog passend is of aangepast moet worden. Informatie over het aanpassen van uw product vindt u op deze website
  • Als u geen adviseur meer heeft, kunt u kosteloos contact opnemen met De Goudse. Wij kunnen u dan in contact brengen met een adviseur die samen met u bekijkt welke oplossing er mogelijk is

2. U weet wat u krijgt

  • In de Regeling staat dat een eventuele tegemoetkoming wordt uitgekeerd op de einddatum van de beleggingsverzekering, samen met de opgebouwde waarde. Omdat wij u nu direct duidelijkheid willen geven, is dit aangepast
  • Is er voor u sprake van een tegemoetkoming op de einddatum? Dan berekenen we hoeveel we nu aan de waarde van uw verzekering moeten toevoegen om dat bedrag op de einddatum te bereiken
    - Daarna storten wij de tegemoetkoming voor de periode waarin u op dat moment al premie heeft betaald direct in uw lopende verzekering
    - Betaalt u over de resterende looptijd nog premie? Dan voegen wij maandelijks een tegemoetkoming toe aan de waarde van de verzekering, zolang u de premie betaalt
  • U hoeft geen afstand te doen van uw rechten. U kunt dus nog steeds terecht bij de klachtencommissie van De Goudse, de Ombudsman Financiële Dienstverlening of de rechter

3. U bent in de toekomst beter af

  • Als u uw verzekering wijzigt, passen wij de eenmaal toegekende tegemoetkoming niet meer aan. Behalve wanneer u stopt met het betalen van de premie
  • U kunt jaarlijks kosteloos overstappen naar beleggingsfondsen met lagere kosten of een lager beleggingsrisico
  • Wij werken aan de ontwikkeling van een ander product. Dit heeft lagere kosten. Bovendien zijn daarin de inleg, risicopremie en kosten duidelijker gescheiden
  • Wij berekenen geen afkoopboetes. Mogelijk vindt er bij afkoop wel verrekening van kosten plaats. Meestal zijn alle kosten al aan het begin van de verzekering in rekening gebracht. Maar soms worden ze verspreid over de looptijd. Als dat zo is, verrekenen wij bij afkoop de resterende kosten met de afkoopwaarde. Uw adviseur kan u vertellen of dit mogelijk voor u geldt
Moet u zelf iets doen?

U hoeft niets te doen als uw beleggingsverzekering op 1 januari 2008 nog van kracht was. U krijgt dan automatisch bericht van ons.

U moet wel iets doen als uw beleggingsverzekering op 1 januari 2008 al was beëindigd. Dan kunt u via een paar eenvoudige stappen nagaan of uw verzekering binnen de Regeling valt en of u in aanmerking komt voor een herberekening van de kosten. U moet dan het aanmeldingsformulier invullen en voor 14 juli 2014 aan ons opsturen. Zodra wij uw formulier hebben ontvangen, wordt uw verzoek door ons in behandeling genomen en krijgt u daarover bericht.

Ook in de volgende twee gevallen moet u wel iets doen:

  • Als u zich wilt aanmelden voor de Regeling omdat uw polis is vervallen doordat de waarde nihil werd, dan moet uw aanmelding voor 14 juli 2017 door ons zijn ontvangen.
  • Als u zich wilt aanmelden voor de Regeling vanwege onvrijwillige afkoop, dan moet uw aanmelding per aangetekende post voor 14 juli 2017 door ons zijn ontvangen.
Wat houdt de aanvullende regeling voor schrijnende gevallen in?
  • Voor bijzondere gevallen, waarbij de werking van de beleggingsverzekering leidt tot materiële, ongerechtvaardigde en onaanvaardbare gevolgen, is een aanvullende regeling opgesteld. Dit betekent dat aan deze polishouders een extra bedrag kan worden uitgekeerd. Deze aanvullende regeling geldt alleen voor polissen waarvan in de naam van het product de term FlexxVermogensplan of Eigen Effect Plan voorkomt.

Producten waarvan in de naam de term Verzekerd Sparen, Aktief Sparen of Lijfrente beleggingsplan voorkomt, hebben een losse overlijdensrisicodekking en een kostenstructuur die onafhankelijk is van de koersen. Daarom is de aanvullende regeling voor deze producten niet van toepassing.

De aanvullende regeling geldt in de volgende situaties:

  • Onvrijwillige afkoop
    Wanneer u als gevolg van persoonlijke financiële problemen gedwongen wordt de polis af te kopen, komt u mogelijk in aanmerking voor een extra tegemoetkoming. Zie voor een aanvullende toelichting het aanmeldingsformulier. U kunt ook contact opnemen met uw verzekeringsadviseur. Als u een beroep wilt doen op deze regeling, is het belangrijk dat u in ieder geval reageert voor 14 juli 2017.
  • Waarde van de polis boven € 100.000,-
    Heeft uw polis op enig moment een waarde van meer dan € 100.000,-? Dan beperkt De Goudse voor het deel van de waarde boven de € 100.000,- het kostenpercentage tot 1,5% per jaar. Voor de waarde van de polis onder de € 100.000,- berekenen we het eerder vastgestelde percentage aan kosten per jaar.
  • Hefboom- en inteereffect
    Beleggingsverzekeringen waarbij de premie voor de overlijdensrisicoverzekering toeneemt naarmate de opgebouwde waarde van de verzekering afneemt (dit heet het hefboom -en inteereffect).
Moet u zich aanmelden voor de aanvullende regeling?

Is voor u sprake van het hefboom- en inteereffect? Of heeft u een hogere poliswaarde dan € 100.000,-? Dan wordt de aanvullende tegemoetkoming automatisch verwerkt in de berekening voor uw polis wanneer:

  • Uw polis op 1 januari 2008 nog van kracht was.
  • Uw polis al eerder was beëindigd én u zich al voor de aanvullende regeling heeft aangemeld. U hoeft zich dan dus niet meer aan te melden.

Het kan zijn dat u in aanmerking komt voor de aanvullende regeling als gevolg van onvrijwillige afkoop van uw polis. Als u denkt dat dit voor u van toepassing is, moet u het onderstaande formulier downloaden en uitprinten

Aanmeldingsformulier aanvullende regeling onvrijwillige afkoop

Stuurt u dit formulier dan, samen met de gevraagde bijlagen, aangetekend naar:
Goudse Levensverzekeringen N.V.
t.a.v. Team Beleggingsverzekeringen
Postbus 9
2800 MA GOUDA

Wat is het hefboom- en inteereffect?

Uw verzekering kan op twee manieren tot uitkering komen: bij in leven zijn op de einddatum van de verzekering of bij eerder overlijden. Bij in leven zijn op einddatum komt de waarde van de verzekering beschikbaar. Als er sprake is van een vast verzekerd bedrag bij overlijden komt bij overlijden zowel de op dat moment opgebouwde waarde beschikbaar als een uitkering uit de overlijdensrisicoverzekering.
Hierdoor kunnen uw nabestaanden beschikken over de afgesproken uitkering bij overlijden. De hoogte van de overlijdensrisicoverzekering is dan dus afhankelijk van de opgebouwde waarde.

Bij een daling van de koersen neemt de waarde van de verzekering af en moet er een hogere uitkering bij overlijden verzekerd worden.
De waarde van de verzekering en de hoogte van de uitkering bij overlijden zijn samen dus altijd gelijk aan het verzekerde bedrag bij overlijden dat op uw polis staat.

Uw premie-inleg wordt gebruikt om participaties te kopen in de door u gekozen beleggingsfondsen. De overlijdensrisicopremie wordt gefinancierd door participaties te verkopen. Daardoor neemt het aantal participaties af. Bij dalende koersen gaat de waarde van uw verzekering dus om twee redenen achteruit:

  • de participaties zijn minder waard, en
  • er moeten meer participaties worden verkocht om de overlijdensrisicodekking te financieren.
    Dit noemen we het negatieve hefboomeffect.

Dit effect kan ook omgekeerd voorkomen. Als de koersen stijgen, neemt de waarde van uw verzekering toe en moeten er minder participaties worden verkocht voor de overlijdensdekking. Dit noemen we het positieve hefboomeffect.

Het gevolg van het negatieve hefboomeffect is dat de waarde van uw verzekering daalt. Door de koersdaling zijn de participaties minder waard en worden er meer participaties verkocht om de risicopremie te betalen. Doordat u minder participaties bezit, die ook nog eens minder waard zijn, teert u in op de waarde die u heeft opgebouwd. Dit wordt het inteereffect genoemd.

Als dit zich over een langere periode voordoet, kan het voorkomen dat de waarde van uw verzekering sterk wordt verlaagd, of zelfs helemaal wordt opgebruikt, om de overlijdensrisicopremie en de kosten te betalen.

De Goudse heeft voor alle FlexxVermogensplannen en Eigen Effect Plannen gekeken of dit inteereffect zich heeft voorgedaan in de periode vóór 2008. Als dat zo is dan is hiervoor een tegemoetkoming uitgekeerd bij de uitvoering van de Regeling particuliere beleggingsverzekeringen De Goudse. Het effect kan echter ook in de resterende looptijden blijven voorkomen.

Wat als er bij uw verzekering sprake is van het hefboom- of inteereffect?
U kunt het hefboom- en inteereffect tegengaan door de huidige overlijdensrisicodekking te vervangen door een nieuwe dekking. Binnen uw beleggingsverzekering wordt dan een aparte overlijdensrisicodekking opgenomen met het oorspronkelijke verzekerde bedrag. Hier rekenen we een premie voor die niet meer afhankelijk is van de waarde van de participaties maar die vooraf wordt vastgesteld voor de hele resterende looptijd en jaarlijks wordt aangepast aan de leeftijd van de verzekerde.

Uw adviseur kan u helpen bij de vraag of er voor u sprake is van een hefboom- of inteereffect en of het dan verstandig is dit te neutraliseren. Laat u daarom informeren over de mogelijkheden, de risico’s en de voorwaarden.

Wat als uw polis is vervallen doordat de waarde nihil werd?

Als uw polis is beëindigd doordat de waarde te laag werd om daaruit de risicopremie en de kosten te onttrekken, komt u mogelijk in aanmerking voor een herberekening van de kosten. Dit geldt ook als uw polis binnen 5 jaar na ingaan van de verzekering is vervallen.

Wanneer de polis is beëindigd doordat de waarde nihil werd, passen wij de Regeling toe over de periode die de polis werkelijk heeft gelopen en niet over de oorspronkelijk afgesproken looptijd van de polis. We berekenen dan de waarde van de polis op basis van de regeling kostenmaximering over de verkorte duur. Als dan blijkt dat er meer kosten zijn ingehouden dan in de Regeling is vastgesteld, krijgt u een tegemoetkoming voor deze kosten.

Als de polis wordt beëindigd doordat de waarde nihil wordt na een eerdere verlaging waarbij we de Regeling hebben toegepast, dan krijgt u bij de beëindiging in ieder geval de waarde van de participaties die bij het toepassen van de Regeling aan de polis zijn toegevoegd.

De regeling voor beëindigde polissen door verval van waarde geldt niet als:

  • De polis premievrij is gemaakt en er in totaal minder dan € 1.200,- aan premie is betaald.
  • De polis in feite geen beleggingsverzekering maar een risicoverzekering is. In die gevallen is het verzekerde bedrag bij overlijden bij aanvang van de polis meer dan 5 keer zo hoog als de verwachte uitkering op de einddatum.
  • U de polis verlaagt of premievrij maakt nadat u voor het eerst bent geïnformeerd over de Regeling en de polis voor de einddatum beëindigd wordt door verval van waarde.
  • U een deel van de waarde uit de polis hebt opgenomen.

Als uw polis op 1 januari 2008 nog van kracht was, of u heeft al eerder een formulier ingestuurd, dan krijgt u automatisch bericht over de manier waarop we de Regeling hebben toegepast. Als dat niet zo is, moet u zelf actie ondernemen. U moet dan het aanmeldingsformulier invullen en aan ons opsturen. Zodra wij uw formulier hebben ontvangen, wordt uw verzoek door ons in behandeling genomen en krijgt u daarover bericht.